Twee handen van dichtbij: de ene houdt een plat metalen blok schuin op een pluk watten, de andere trekt er een zakmes langs; de watten branden met een kleine vlam

Zelfredzaam · Bushcraft

Vuur maken: de techniek, en waar het in Nederland mag

Home / Zelfredzaam / Vuur maken

Bushcraft · leestijd 7 min · kopfoto (een blokvormige vuurstarter, een ander model dan de staaf uit de tekst; gebruik zelf de losse schraper, geen zakmes): Tara A. Williamson, U.S. Air Force, Wikimedia Commons, publiek domein

Voor een vuur heb je een vonk nodig, iets dat de vonk opvangt (tondel) en droog hout. In Nederland komt daar een vraag voor: mag het op deze plek? In een natuurgebied is het antwoord vrijwel steeds nee. Daarom eerst de regels, dan de techniek.

In de natuur: bijna nergens

Het Wetboek van Strafrecht heeft geen artikel dat vuur in het bos zonder meer verbiedt, maar wel artikel 429. Dat straft wie een vuur aanlegt, voedt of onderhoudt zo dicht bij gebouwen of goederen dat er brandgevaar kan ontstaan, en ook wie “door gebrek aan de nodige omzichtigheid of voorzorg gevaar voor bos-, heide-, helm-, gras- of veenbrand doet ontstaan”. Ontstaat er door jouw schuld brand, en daardoor gevaar voor andermans goederen, levensgevaar of gevaar voor zwaar letsel voor een ander, dan staat daar gevangenisstraf of een geldboete op (artikel 158).

Daarnaast heb je te maken met de beheerder van het terrein. Natuurmonumenten schrijft: “Maak nooit open vuur in natuurgebieden”. Het Limburgs Landschap staat open vuur in zijn gebieden niet toe. Staatsbosbeheer verwijst voor de regels naar de toegangsborden bij de ingang van elk gebied, en wie er een activiteit organiseert, mag geen open vuur of barbecue gebruiken zonder toestemming van Staatsbosbeheer. Zegt een bord niets over vuur, zie dat dan niet als toestemming: vraag het de beheerder, of stook er niet. Of een gasbrander onder open vuur valt, zeggen Natuurmonumenten en Het Limburgs Landschap niet. Ga er niet van uit dat het mag.

De Veiligheidsregio Limburg-Noord, waar Horst aan de Maas en Venlo onder vallen, schrijft over natuurgebieden als de Maasduinen en de Meinweg: vuur maken en barbecueën mag alleen op speciale picknick- en vuurplaatsen. Zie een gewone picknickbank niet als zo'n plek: stook alleen waar de beheerder zelf een vuur- of barbecueplaats heeft aangewezen. Vuurkorf, fakkel, wensballon en vuurwerk laat je thuis.

De gemeente en de twee fasen

Ook de gemeente heeft een regel, in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). In Horst aan de Maas (artikel 4:14) en in Venlo (artikel 5:34) is het verboden om in de openlucht vuur aan te leggen, te stoken of te hebben. Uitgezonderd zijn kaarsen en fakkels, sfeervuren zoals vuurkorven waarin geen afval wordt verbrand, en vuur voor koken, bakken en braden. In Horst aan de Maas geldt dat zolang er geen gevaar, overlast of hinder voor de omgeving is; Venlo stelt die voorwaarde bij het kookvuur. Voor een ander vuur kan de gemeente ontheffing verlenen.

Lees die uitzonderingen niet als toestemming voor een fakkel, een vuurkorf of een kookvuur in het bos of op de hei. Daar gelden ook artikel 429 en de regels van de beheerder. Woon je ergens anders, zoek dan je eigen APV op via lokaleregelgeving.overheid.nl.

Elke veiligheidsregio stelt voor het natuurbrandrisico een van twee fasen vast. Je vindt ze bij de brandweer, op natuurbrandrisico.nl. In fase 2, als het al langere tijd droog is, mag barbecueën of open vuur maken volgens de brandweer “in zijn algemeenheid” niet meer. Wie een ontheffing heeft, mag “hoogstwaarschijnlijk” ook niet meer stoken, en terreineigenaren kunnen ook vuurkorven en fakkels verbieden. Bij Staatsbosbeheer is toestemming voor open vuur bij een activiteit in fase 2 uitgesloten, of ze vervalt direct. Ga er in fase 2 van uit dat het nergens mag, tot je het bij gemeente en beheerder hebt nagevraagd. Fase 1 verandert niets aan de regels hierboven.

Waar het wel kan

In je eigen tuin in Horst aan de Maas of Venlo vallen een vuurkorf en een kookvuur onder die uitzonderingen, met dezelfde voorwaarden. Artikel 429 geldt ook daar: niet zo dicht bij huis, schuur of schutting dat er brandgevaar kan ontstaan. In een vuurkorf mag je alleen onbehandeld en ongeverfd hout verbranden, en je gemeente kan voor vuurkorven extra regels stellen.

Buiten de tuin blijft de aangewezen vuurplaats over. Verschillende natuurkampeerterreinen hebben een kampvuurplaats of staan vuur bij je kampeerplek toe. In de terreinzoeker van natuurkampeerterreinen.nl kun je daarop filteren. De beheerder kan de regels bij droogte aanpassen, dus vraag het bij aankomst.

De firesteel: wat het is en hoe je een vonk maakt

Een firesteel is een staaf van ferrocerium met een losse schraper. Ferrocerium is een metaallegering met onder meer ijzer en cerium, geen vuursteen. Trek je de schraper met kracht langs de staaf, dan schraap je kleine deeltjes los die door de wrijving ontbranden: de vonken. Een vlam geeft de firesteel niet. Die komt van de tondel.

Een firesteel op grindbeton: een grijze metalen staaf aan een zwart kunststof handvat, met een koord verbonden aan een platte groene schraper met een gekartelde rand

Rechts de staaf aan zijn handvat, links de platte schraper. Foto: KEN, Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 (verkleind)

Een Zweedse fabrikant van firesteels beschrijft de handeling zo: houd de staaf onder een hoek van 45 graden tegen de tondel en maak een paar lange, vaste halen in die richting. Een variant is de schraper stil onder de staaf houden en de staaf naar achteren trekken. Je duwt de schraper dan niet in de tondel.

Tondel en aanmaakhout

Neem tondel en hout van huis mee. Natuurmonumenten staat wildpluk in zijn gebieden niet toe, en wie zonder toestemming sprokkelhout van andermans grond meeneemt, ook om het op te stoken, kan zich volgens artikel 314 van het Wetboek van Strafrecht schuldig maken aan stroperij. Trek ook geen bast van een levende boom.

Als tondel dienen berkenbast, het pluis van lisdodde, droog gras of watten. Van berkenbast, bijvoorbeeld die van je eigen haardhout, schraap je eerst een hoopje fijn schraapsel, en daarin vang je de vonk. Doe dat uit de wind. Leg vooraf genoeg aanmaakhout klaar: dun, droog hout dat de vlam van de tondel overneemt.

Is je aanmaakhout nat, of heb je alleen blokken, maak dan een featherstick: een stuk hout waar je met een mes dunne krullen aan snijdt die eraan blijven zitten. Zet een stuk gekloofd haardhout met de punt op een hakblok en snij van je lichaam af, met je andere hand boven het mes. Duw het mes naar beneden met het rechte deel van het lemmet, vlak bij het heft, en houd de diepte gelijk.

Twee handen snijden op een hakblok met een mes een krul van een schuin gehouden lat; op het blok liggen twee latten met een bos houtkrullen aan het uiteinde

De lat staat schuin met de punt op het blok, de hand zit boven het mes. Foto: 相馬 拓也, Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0 (verkleind)

Opbouwen, doven en opruimen

Kies een plek zonder overhangende takken en zonder brandbare ondergrond. Scouting Nederland raadt aan op zand of in een stookton te stoken, op de wind te letten en bij vuur geen kleding van nylon of andere kunstvezel te dragen: die brandt snel en smelt vast aan de huid. Zet een emmer water klaar voor je de eerste vonk maakt en laat het vuur niet onbeheerd achter. Springt het vuur over en krijg je het niet direct uit, bel dan 112 en blijf uit de rook. Een grote brand blus je niet zelf.

Een vuur bouw je op van klein naar groot: eerst tondel, dan aanmaakhout, daarna dikkere takken, en houtblokken pas als het goed brandt. Leg de tondel in het midden en zet het aanmaakhout er als een tent overheen. Laat aan een kant een opening, zodat je de vonk in de tondel kunt maken en er lucht bij kan. Gebruik geen spiritus of een andere brandbare vloeistof.

Doven gaat zo:

  1. Giet rustig water op het vuur tot het sissen ophoudt.
  2. Roer met een stok of schep door de as tot er niets meer smeult.
  3. Giet er opnieuw water bij tot alles koud is, en voel dat met de rug van je hand boven de as.

Is het te heet om aan te raken, dan is het te heet om achter te laten. Afgekoelde resten horen bij het restafval, niet in de natuur. Gooi ze pas weg als ze echt koud zijn: wat nog smeult, kan in de container brand veroorzaken.

De volgende stap is opzoeken, niet stoken: lees de APV van je gemeente en kijk welke fase er vandaag geldt. Oefen daarna thuis, in een vuurkorf op stenen of tegels en met een emmer water ernaast. Vang de vonk in berkenschraapsel of in de krullen van een featherstick. Doe het niet bij harde wind of droogte, en niet vlak naast een schutting, heg of schuur. Meer staat onder Zelfredzaam.